Spring naar inhoud

Financiën

4.1Resultaat

Het resultaat na belastingen in 2025 bedraagt € 16,2 miljoen positief. Vergeleken met vorig boekjaar is dit € 2,7 miljoen hoger. De verschillen ten opzichte van 2024 zijn:

Verschillen resultaat t.o.v. vorig boekjaar Verschil
Exploitatie  
Hogere huuropbrengst em servicecontracten 1.042
Hogere onderhoudslasten 1.267
Hogere overige bedrijfslasten -325
Lagere rentelasten en baten -130
Totaal exploitatie 1.853
   
Eenmalige inkomsten en uitgaven  
Lagere verkoopopbrengsten 502
Hogere niet- gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille 8.177
Hogere overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille -7.203
   
Hogere niet- gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille VOV -590
Totaal eenmalige inkomsten en uitgaven 886
   
Belastingen  
Lagere VPB last -8
Totale mutatie 2.731
  • Hogere huuropbrengsten en servicecontracten: de inkomsten uit verhuur zijn gestegen met 4,8%. De belangrijkste mutaties zijn geweest: wettelijke huurverhoging per 1 juli met gemiddeld 4,5% en de huurverhoging bij mutatie.
  • De onderhoudslasten zijn lager dan vorig jaar onder andere doordat er in 2025 meer grootschalig onderhoud is uitgevoerd, wat als investering is aangemerkt, hierdoor zijn vooral de planmatig onderhoudslasten lager.
  • De opbrengsten verkopen zijn hoger dan voorgaand jaar, doordat er in 2024 geen verkopen zijn geweest, in 2025 zijn er 6 woningen verkocht, 4 uit de woningvoorraad en 2 teruggekochte woningen die we hebben doorverkocht, allen hebben we op de vrije markt verkocht.
  • Hoger renteresultaat: de rentelasten stijgen als gevolg van de uitbreiding van de leningenportefeuille. • Hogere niet-gerealiseerde waardeveranderingen: De stijging van de marktwaarde van het bezit dat het hele boekjaar in exploitatie is geweest bedraagt 5,2%.
  • Hogere niet-gerealiseerde waardeveranderingen: De stijging van de marktwaarde van het bezit dat het hele boekjaar in exploitatie is geweest bedraagt 5,2%

4.2Begroting versus realisatie

Het begrote resultaat bedraagt € 15,5 miljoen. Het begrote resultaat is € 2,0 miljoen hoger ingeschat dan de uiteindelijke realisatie.

Verschillen resultaat t.o.v. begroting Verschil
Exploitatie  
Hogere huuropbrengst em servicecontracten -753
Hogere onderhoudslasten -1.294
Hogere overige bedrijfslasten 362
Lagere rentelasten en baten 256
Totaal exploitatie -1.429
   
Eenmalige inkomsten en uitgaven  
Hogere verkoopopbrengsten 352
Lagere niet- gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille 13.853
Hogere overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille -6.003
   
Hogere niet- gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille VOV -310
Totaal eenmalige inkomsten en uitgaven 7.892
   
Belastingen  
Lagere VPB last -174
Totale mutatie 6.289

Toelichting

  • De lagere huuropbrengsten worden veroorzaakt door lagere gerealiseerde huurverhoging dan opgenomen in de begroting (4,5% gerealiseerd vs. 6,0% in de begroting).
  • Hogere onderhoudslasten: Deze worden voornamelijk veroorzaakt door hogere lasten in het dagelijkse onderhoud: meer reparaties en meer mutatiekosten. Planmatig onderhoud is hoger dan begroot vanwege meer onderhoudskosten in plaats van investeringen dan verwacht in de begroting.
  • Lagere bedrijfslasten met name doordat de zakelijke lasten lager zijn dan begroot.
  • Niet-gerealiseerde waardeveranderingen: de afwijking ten opzichte van de begroting is het gevolg van wijzigingen die voortvloeien uit de jaarlijkse actualisering van het handboek marktwaardering.
  • Overige waardeveranderingen zijn hoger dan begroot, doordat de onrendabele top van het project de Buitenplaats hoger is dan in de begroting opgenomen.


4.3Vermogen

4.3.1 Algemeen

Tot 2026 wordt het vastgoed gewaardeerd tegen marktwaarde in verhuurde staat. Het gepresenteerde eigen vermogen van Ressort Wonen wordt voor een aanzienlijk deel aanzienlijk gevormd door de herwaarderingsreserve. Het gevolg is een vermogenspresentatie die de indruk kan wekken dat onze financiële armslag heel ruim is, wat natuurlijk niet vanzelfsprekend is. Onze financiële armslag wordt immers bepaald door de verdiencapaciteit van het vastgoed. De wijze waarop dit vastgoed in de jaarrekening wordt vertaald in een waarde heeft daar geen directe invloed op.

Per 31 december 2025 is in totaal € 351 miljoen (2024: € 328 miljoen) aan ongerealiseerde herwaarderingen in de overige reserves opgenomen. We gaan hierbij uit van de waardering van het vastgoed in exploitatie tegen marktwaarde in verhuurde staat. De realisatie van deze ongerealiseerde waardestijging is sterk afhankelijk van het te voeren beleid van Ressort Wonen. De mogelijkheden voor een corporatie om door (complexgewijze) verkoop of huurstijgingen de marktwaarde in verhuurde staat van het DAEB-bezit in exploitatie te realiseren, zijn beperkt door wettelijke maatregelen. Dit impliceert dat ongeveer 52% van het totale eigen vermogen niet, of eerst op zeer lange termijn, realiseerbaar is.

Verloopstaat marktwaardeontwikkeling 2025
Marktwaarde 2024 485.525
Voorraadmutaties -3.976
Vastgoedgegevens 20.898
Methodische wijzigingen 0
Validatie 57.517
Marktontwikkelingen -51.468
Marktwaarde 2024 508.496

4.3.2 Marktwaarde

De krapte op de woningmarkt blijft bestaan en leidt er toe dan er interesse blijft bestaan voor woningen. Dit heeft een positief effect op de marktwaarde van het bezit. De totale waarde van de vastgoedportefeuille is met € 23,0 miljoen gestegen naar een waarde van € 508,5 miljoen. Dit is een stijging van 4,7%. De stijging van de marktwaarde van het bezit dat het hele boekjaar in exploitatie is geweest bedraagt 5,2% In onderstaande tabel een nadere specificatie van het verloop van de marktwaarde van 2024 naar 2025.

4.3.3 Beleidswaarde

De beleidswaarde steeg van € 207,7 miljoen in 2024 naar een waarde van € 292,7 miljoen in 2025. Een stijging van 41%. In onderstaande tabel een nadere specificatie van het verloop van de beleidswaarde van 2024 naar 2025.

Verloopstaat beleidswaardeontwikkeling 2025
Beleidswaarde 2024 207.693
Voorraadmutaties -2.236
Vastgoedgegevens 13.156
Methodische wijzigingen 0
Validatie -115
Marktontwikkelingen -133
Parametersbeleidswaarde 74.286
Marktwaarde 2025 292.651

4.3.4 Beschouwing verschil tussen marktwaarde en beleidswaarde

Als gevolg van de nieuwe systematiek vanaf boekjaar 2024 voor het bepalen van de beleidswaarde is er geen directe relatie meer tussen de markt- en beleidswaarde. Op hoofdlijnen zijn de verschillen te categoriseren in de volgende vijf onderdelen.

  1. In de beleidswaarde wordt verondersteld dat de woningen in exploitatie blijven en niet worden uitgepond. Dit heeft een effect van € 1,2 miljoen positief. Dit is een saldering van lagere netto contante inkomsten als gevolg van doorexploiteren (€ 50,2 miljoen negatief) en het wegvallen van de overdrachtskosten (€ 51,4 miljoen positief).
  2. In de beleidswaarde wordt bij nieuwe verhuur de streefhuur gehanteerd in plaats van de laagste van de markthuur/maximaal redelijke huur. Daarnaast is het eigen beleid gehanteerd voor de toekomstige huurverhogingen. Dit heeft een effect van € 128, 0 miljoen negatief.
  3. In de beleidswaarde is het onderhoud in overeenstemming met de eigen MJOB ingerekend. Daarnaast is er een afslag gehanteerd voor de uitfasering van EFG-labels. Dit heeft een effect van € 121,6 miljoen negatief.
  4. In de beleidswaarde wordt gerekend met de beheernorm in overeenstemming met eigen beleid. Dit heeft een effect van € 29,0 miljoen negatief.
  5. De (voorgeschreven) disconteringsvoet waartegen kasstromen contant gemaakt worden wijkt af van de disconteringsvoet in de marktwaarde. Dit heeft een effect van € 61,5 miljoen positief.

4.4Treasury

4.4.1 Liquide middelen

Het banksaldo bedraagt eind 2025 ongeveer € 0,4 miljoen en is gedaald ten opzichte van 2024 met € 0,5 miljoen. De operationele kasstromen zijn positief en met € 3,6 miljoen hoger dan vorig jaar (€ 3,1 miljoen). De belangrijkste investeringen hebben betrekking op verbeterinvesteringen, onze geplande nieuwbouwinvesteringen zijn vertraagd naar begin 2026. Voor de begrote investeringen in de eerstvolgende jaren geldt dat financiering vanuit positieve operationele kasstromen niet toereikend is. Op grond hiervan is aanvullende financiering op termijn noodzakelijk.

4.4.2 Financieringsstrategie

Het geactualiseerde Strategisch Meerjarenplan voorziet in mogelijke uitbreiding buiten Rozenburg. Bij realisatie daarvan ontstaat een forse financieringsbehoefte. Om duidelijke kaders hiervoor te scheppen is het noodzakelijk de kaders vast te leggen in een (financierings-)strategie. In 2017 is deze strategie opgesteld en in 2018 herijkt.

4.4.3 Reglement financieel beleid en beheer

De Woningwet schrijft voor dat een corporatie dient te beschikken over een reglement financieel beleid en beheer. Dit reglement is voor het laatst in 2024 geactualiseerd.

4.4.4 Leningenportefeuille

De huidige samenstelling van de leningenportefeuille past binnen de uitgangspunten van het reglement financieel beleid en beheer. De gemiddelde rentevoet van de leningenportefeuille eind 2025 is 4,27% (in 2024 was dit 4,22%). De loan to value beleidswaarde bedraagt 27,2% (norm WSW: maximaal 70%).

4.5Ontwikkelingen 2026 en verder

4.5.1 Vooruitkijkend

De saneringsheffing is ook in 2025 niet opgelegd. Voor de komende jaren is aangegeven dat het ook niet opportuun is dat de saneringsheffing geïnd zal worden.

In ons Strategisch Meerjarenplan blijft duurzaamheid prominent in het beleid toegepast, mede omdat hiermee betere betaalbaarheid van woonlasten wordt gerealiseerd. Ook ons aangekochte in Voorne aan Zee wordt de komende jaren onderhoudstechnisch op peil gebracht.

Ressort Wonen voldoet aan de financiële normen die gesteld zijn in het ‘Gezamenlijk beoordelingskader Aw/WSW’. Onderstaande tabel geeft de uitkomsten weer van de meerjarenbegroting 2026, inclusief realisatie 2025.

Financiële ratio's Norm WSW 2025 2026 2030
ICR ≥ 1,4 2,07 2,26 1,84
Solvabiliteit beleidswaarde (%) ≥ 30% 60,0% 64,3% 51,4%
LTV beleidswaarde (%) ≤ 70% 27,2% 28,7% 43,3%
Dekkingsratio marktwaarde (%) ≤ 70% 19,4% 19,1% 27,7%

Het WSW heeft ook in 2025 een positieve beoordeling verstrekt en een nieuw borgingsplafond afgegeven voor 2026 en 2027. Hiermee blijft voldoende garantie aanwezig om geplande investeringen in de toekomst uit te kunnen voeren.

Begrote investeringen

De begrote uitgaven voor het komende jaar voor onderhoud, nieuwbouw en verbeteruitgaven bedragen € 28,7 miljoen. Voor het jaar 2026 en de jaren daarna zijn in onderstaand overzicht de begrote investeringen opgenomen.

Projecten   (Des)investeringskasstromen
    2026 2027 2028 2029 2030
Sloop aantal 3 0 0 0 0
  48 0 0 0 0
Nieuwbouw aantal (oplevering) 15 116 33 107 75
  17.135 28.917 22.043 16.269 21.778
AANKOPEN aantal 1 3 3 2 2
  337 1.037 927 635 776
VERKOPEN aantal -4 -6 -9 -5 -5
  -1.490 -2.502 -2.618 -2.202 -2.360
VERBETERINGEN aantal (oplevering) 288 231 157 255 9
  1.067 668 578 315 24
DUURZAAMHEID aantal 219 273 212 324 138
  1.397 8.585 1.690 2.224 285
INGRIJPENDE VERBOUWING aantal 1 191 55 12 197
  2.056 3.829 861 4.182 2.539
ACTIVITEITEN SMP aantal 18 0 û 0 0
  600 0 0 0 0
             
INVESTERINGEN MVA          
Inventaris 0 0 0 0 0
Automatisering 25 0 0 0 0
Bedrijfspand verbetering 100 0 0 0 0
Wagenpark 30 30 30 0 0
Warmtenet 0 0 0 0 605
Totaal investeringen MVA 155 30 30 0 605
             
Totaal 21.305 40.564 23.511 21.423 23.647

4.5.2 Belastingen

Vennootschapsbelasting

De aangifte vennootschapsbelasting is tot en met 2023 ingediend. De aanslagen tot en met 2023 zijn definitief vastgesteld. 

Voor verschillen tussen commerciële en fiscale balanswaardering zijn latenties gevormd. De aangiften vennootschapsbelasting worden verzorgd door Deloitte Management Support B.V.

Omzetbelasting

In 2025 zijn alle aangiften volgens voorschrift tijdig en volledig ingediend. Eventuele suppletieaangiftes zijn niet van toepassing. Het op de balans aangegeven te betalen bedrag aan omzetbelasting betreft de aangifte december 2025.

4.6Verbindingen

Ressort Wonen heeft een aantal woningen in bezit die deel uitmaken van een Vereniging van Eigenaren.

De woningen van Ressort Wonen bevinden zich in de volgende VvE's stemverhouding % belang RW
totaal Ressort Wonen
Bosseplaat 69-167, Rozenburg 170 94 55,3%
Bosseplaat 169-267, Rozenburg 170 94 55,3%
Boulevaard 1-43, Rozenburg 29 17 58,6%
Langeplaat 69-167, Rozenburg 170 94 55,3%
Langeplaat 169-267, Rozenburg 170 94 55,3%
Meiendaal 81-159, Rozenburg 72 44 61,1%
Nieuw Blankenburg 320-354, Rozenburg 191 152 79,6%
Ruygeplaat 69-167, Rozenburg 170 94 55,3%
Ruygeplaat 169-267, Rozenburg 170 94 55,3%
Scholeksterstraat 26-104, Rozenburg 80 44 55,0%
Boulevard Gebouw A Veegors, Rozenburg 68 40 3,8%
Blankenburg hoofdsplitsing, Rozenburg 100 57 57,0%
Warmoezenierstraat 1-23, Brielle 12 4 33,3%
Warmoezenierstraat 2-24, Brielle 12 3 25,0%
Dijkpotingen, Vierpolders 28 15 53,6%
  1.612 940 58,3%

Met ingang van 1 januari 2016 is het beheer van de VvE’s in Rozenburg in handen van Twinss in Berkel en Rodenrijs. Ressort Wonen heeft in 2009, in verband met noodzakelijke renovatiewerkzaamheden een (renteloze) lening verstrekt aan VvE Laan van Nieuw-Blankenburg 320-354 van in totaal € 371.945 af te lossen in een periode van maximaal 30 jaar.



Opgesteld,


Rozenburg, 22 juni 2026


Anja Verdaasdonk-van Weerlee,

Directeur-bestuurder.